Salen, K. & Zimmerman, E. Game Design and Meaningful Play. Hoofdstuk 4, pp. 59-79.
Is er bij een meaningful game altijd sprake van een micro en een macro niveau van keuze? Of zijn er ook spellen die alleen keuzes op micro niveau bieden?
Prensky, M. Computer Games and Learning: Digital Game-Based learning. Hoofdstuk 6, pp. 97-122.
Op welke termijn moeten we denken als we games een fundamenteel onderdeel voor het onderwijs kunnen maken? Is dit al op korte termijn (zeg 5 jaar) te realiseren of is hier een veel langer traject (25 jaar) voor nodig?
Raessens, J. Computer Games as Participatory Media Culture. Hoofdstuk 24, pp. 373-388.
Het modden van games en het ontwikkelen van patches door de spelers, wordt door Raessens omschreven als construerende participatie. Voorlopig is gebeurt dit vooral bij PC games.
Moeten de consoles zich open stellen voor construtuerende participatie, daarmee het risico lopend dat voor de financiƫle consequenties of moet men deze systemen gesloten houden om de game industrie niet in elkaar te laten donderen?
Kadervraag
Reassens praat over het construeren van games door gebruikers van de game, die mods bouwen voor bepaalde games zodat deze op een andere manier te spelen zijn. In de tekst van Salen en Zimmerman wordt beschreven hoe betekenisverlening ontstaat uit de interactie tussen het systeem en de speler. Welke invloed heeft het construeren van games op deze interactie tussen systeem en speler en wat doet dit dus met meaningful play?

Geen opmerkingen:
Een reactie posten